Sprookjes

Op deze pagina vindt u enkele ideeën rondom het thema sprookjes.

Woordweb

Rekenen

De zeven geitjes

Vertel van te voren het verhaal van de Wolf en de zeven geitjes. Als de wolf binnenkomt verstoppen alle geitjes zich snel! Zorg voor twee verstopplekken, bijv. een kast en onder het bed. Als de wolf binnenkomt verstopt één geitje zich in de kast, hoeveel geitjes liggen er onder het bed? Je kan deze activiteit makkelijker of moeilijker maken door de geitjes zichtbaar of niet zichtbaar te maken.

De zeven dwergen

Sneeuwwitje logeert bij de zeven dwergen. Sneeuwwitje ziet meteen dat de dwergen allemaal een cijfer op hun muts hebben. De cijfers 1 t/m 7. Sneeuwwitje doet heel veel voor de dwergen, ze wast, ze kookt en ze maakt schoon. Opeens komen de dwergen boos naar haar toe, je hebt de alle kleren in de verkeerde kast gehangen, mopperde de dwergen. Mijn jas heeft 3 knopen, schreeuwt de dwerg met het cijfer 3 op zijn muts. En mijn jas 6 schreeuwt de dwerg met het cijfer 6 op zijn muts. Kunnen de kinderen de goede jas bij de goede kabouter zoeken? Al snel merkt Sneeuwwitje dat de kabouters nog meer van die gekke dingen hebben, zo wil dwerg 2 maar twee tuinbonen eten en wil dwerg 7 er wel 7! De dwergen hebben nog veel meer van dat soort gekke dingen, laat de kinderen bij iedere kabouter het goede aantal tekenen/leggen.

Aftelversje; zeven geitjes

Zeven kleine geitjes in een huis,
daar komt de wolf en moeder is niet thuis.
Hap, hap, hap, wat een pech geitje nummer 6 is weg. enz.

Speellokaal/Gymles

De wolf en de zeven geitjes; tikkertje

De kinderen hebben het verhaal van de wolf en de zeven geitjes al meerdere malen gehoord. Speel het verhaal kort na, kies een geitje en een wolf (de tikker). Laat de kinderen een kort dialoog uitspelen.
Voorbeeld
De wolf klopt aan en zegt met zware stem 'Laat me binnen kinderen, ik ben jullie moeder en ik ben iets vergeten mee te nemen'.
Geitje: Jij bent niet onze moeder, je stem is veel te lelijk
De wolf haalt honing en smeert zijn keel, klopt opnieuw aan en zegt met een hoge stem: 'Laat me binnen kinderen, ik ben jullie moeder'.
Geitje: Ja, je klinkt als onze moeder, laat me je poot zien zodat ik zeker weet dat je niet de wolf bent.
De wolf weet dat hij met zijn zwarte poot niet binnengelaten wordt. Hij zegt; 'ik ben zo terug kinderen' en gaat naar huis om een zak meel te halen. Terug bij het huis van de geitjes smeert hij zijn keel met honing en steekt zijn poot in het meel. Daarna zegt hij: 'Kinderen laat mij binnen, ik ben jullie moeder!'.
Geitje: Laat je poot zien, dan weet ik zeker dat je de wolf niet bent.
De wolf steekt zijn poot uit en de geitjes zien de witte poot. Hoera, roepen zij in koor, het is moeder! En het geitje doet de deur open.

Op het moment dat het geitje de deur open doet begint het tikspel. De wolf moet zeven geitjes tikken. Als een geitje getikt is moet deze in een hoepel gaan zitten. Als alle hoepels vol zijn heeft de wolf gewonnen en zijn de geitjes opgegeten. Gelukkig is de juf moeder geit en deze bevrijd alle kinderen uit de hoepels/geitjes uit de buik. Er wordt een nieuwe wolf gekozen en het spel wordt herhaald. Tip; spreek een stopteken af, bijvoorbeeld het drie maal slaan op een trommel.

Het klein Duimpje parcour


Zorg voor grote laarzen. De kinderen moeten in deze grote laarzen een parcours afleggen. Bijvoorbeeld; lopen over een bank, zigzaggen om pionnetjes, door een hoepel heen.

Roodkapje in het bos

De kinderen moeten goed luisteren naar de trom. Er zijn drie vormen van bewegen; stappen in de maat (variërend van langzaam tot snel), huppelen en rennen. De leerkracht geeft dit aan door te slaan op de trom. Spreek een teken af met de kinderen waarop zij stil moeten staan of gaan zitten op de plaats. (bijv. trom in de lucht is zitten).
Uitleg:Roodkapje is alweer een beetje bijgekomen van haar hele avontuur met de wolf. Vandaag gaat zij voor het eerst weer wandelen in het bos. Maar Roodkapje is nog wel een beetje bang en ze loopt heel rustig en kijkt angstig om zich heen. Roodkapje ziet geen wolf en wordt steeds minder bang, op een gegeven moment is ze de wolf zelf vergeten en begint vrolijk te huppelen. Maar dan hoort ze plots iets ritselen in de bosjes, Roodkapje durft niet te kijken en rent zo snel als ze kan.
Laat de kinderen een plek zoeken in de zaal en sla afwisselend snel of langzaam op de trom.

Zeg roodkapje.....?

Het lied van Roodkapje is bij menig leerkracht bekend. In mijn kleutergroep was er slechts één meisje die het liedje mee kon zingen toen wij deze de eerste keer voorzongen. Ik had verwacht dat veel meer kinderen dit lied kenden! In ieder geval, bij het lied hoort een leuk kringspelletje. Kies een Roodkapje uit en laat deze even het lokaal uit gaan of met de ogen dicht en gezicht naar jou toe voor je staan. Kies een wolf uit, maar pas op, Roodkapje mag niet weten wie de wolf is. Zing het lied van Roodkapje (laat Rookapje de stukken in het lied dat eventueel zelf zingen), Roodkapje huppelt tijdens het lied om de kring heen. Op het moment dat er wordt gezongen; pas maar op daar komt de wolf, springt de wolf op en probeert Roodkapje te vangen/tikken. Roodkapje kan ontsnappen door op de plek van de wolf te gaan zitten.

Roodkapje
Zeg Roodkapje, waar ga je henen, Zo alleen, zo alleen, Zeg Roodkapje, waar ga je henen, Zo alleen?

'k Ga naar grootmoeder koekjes brengen, In het bos, in het bos. 'k Ga naar grootmoeder koekjes brengen, In het bos.

In het bos zijn de wilde dieren, In het bos, in het bos. In het bos zijn de wilde dieren, In het bos.

'k Ben niet bang voor de wilde dieren, 'k Ben niet bang, 'k ben niet bang. 'k Ben niet bang voor de wilde dieren, 'k Ben niet bang.

'k Zal wel zien of jij niet bang bent, 'k Zal wel zien, 'k zal wel zien. 'k Zal wel zien of jij niet bang bent, 'k Zal wel zien.

Pas maar op daar komt de wolf, pas maar op, pas maar op. Pas maar op daar komt de wolf, PAS MAAR OP.

Knutselen

Een gevouwen gelaarsde kat


Materiaal: 2 zwarte/bruine vouwblaadjes in twee verschillende formaten. Bruin papier voor de hoed/laarzen. Veertjes voor op de hoed. Wit/groen papier voor de ogen, roze/rood papier voor de neus en een zilveren stift voor de mond van de kat.

Van twee vouwpapiertjes in verschillende formaten vouw je het hoofd en het lichaam van de kat. Neem voor het lichaam een vouwblaadje dat iets groter is als het hoofd. Vouw 16 vierkantjes en knip een strook af. Vouw alle vier de hoeken van het lichaam om. Maak van het afgeknipte strookje de staart door een van de vierkantjes diagonaal te vouwen. Neem voor het hoofd een vouwblaadje dat iets kleiner is als die je voor het lichaam hebt gebruikt. Vouw 16 vierkantjes en knip aan de bovenkant de middelste twee vierkantjes van één strook weg. Vouw de hoeken aan de onderkant van het vouwblaadje naar binnen. De oren van de kat maken we af door deze van binnen naar buiten (diagonaal vouwen). Knip twee laarzen, twee oogjes, een hoed en een neus uit. Maak eventueel een cape van crepepapier of laat deze erbij tekenen. De kinderen mochten kiezen of ze een staande kat wilden of een kat die op vier pootjes liep. Laat de kinderen op de hoed een echte veer plakken.

Een tekening

Natuurlijk kunnen kinderen de gelaarsde kat ook zelf tekenen: De tekeningen zijn gemaakt door twee oudste kleuters

De spiegel van sneeuwwitje 1

Materiaal: stevig karton, aluminium folie, materialen om de spiegel te versieren bijv. kraaltjes, glitters, steentjes.
De kinderen krijgen allemaal een stevig stuk karton met daarop de omtrek van een handspiegel (of de leekracht maakt een sjabloon zodat ze deze zelf kunnen tekenen). Voor het mooiste effect deze tweemaal uit laat knippen en bij 1 van deze handspiegeltjes de kinderen rond/hartvormig/ovaal figuur uit laten prikken. Laat de kinderen deze twee helften op elkaar plakken met het aluminiumfolie ertussen. Laat de rand om de spiegel heen versieren met stiften/wasco, glitters, stickers en ander materiaal dat voor handen is of dat u heeft aangeschaft.

De spiegel van sneeuwwitje 2

Materiaal: Voor ieder kind een spiegeltegel en een houten (triplex)plaat groter dan de spiegeltegel. Verf in verschillende kleuren, materialen om de spiegels te versieren.
Laat de kinderen de houten triplexplaat schuren en helemaal wit schilderen. Als de witte verf gedroogd is kan de plaat beschildert worden in verschillende kleuren. (let op; maak duidelijk aan de kinderen dat de spiegel in het midden komt en ze deze ruimte in principe niet hoeven te schilderen. Als het schilderwerk opgedroogd is kan de spiegel aan de plaat bevestigd worden. (zorg voor een goede lijm of ander materiaal waarmee je deze verbinding kan maken). Daarna kunnen de kinderen hun spiegel verder versieren met nepdiamantjes, veertjes, glitters enz. Een erg leuk cadeautje voor bijv. moederdag.

Hans en Grietje: Het huis van de heks

versie 1:

Snoephuisje op het platte vlak. Laat de leerlingen op een groot wit vel het bos schilderen. De kinderen knippen of vouwen een huis, zorg ervoor dat het huis vast een deur, ramen en bijv. een schoorsteen heeft. De kinderen plakken het huis op het geverfde bos. Ze kunnen het huis versieren met verschillende soorten snoep. Eventueel kan er ook een heks bij geknutseld worden.

Versie 2:

Zorg voor een kartonnen doos. Deze kartonnen doos mogen de kinderen beplakken met allerlei verschillende soorten snoep. Tip: Zorg ook voor groter snoepgoed zoals koekjes. Een ander idee is om de doos van te voren te voorzien van bakstenen, deze zijn makkelijk te maken door deze met een spons op de doos te stempelen.

Versie 3:

Een eetbaar snoephuis. Er zijn mensen die met veel geduld prachtige snoephuizen in elkaar knutselen die volledig eetbaar zijn. In de klas zou je een poging kunnen doen om zelf ook een eetbaar snoephuis te maken. Een mengsel van poedersuiker en water zou hierbij als lijm kunnen dienen. Je kan de kinderen snoephuisjes van speculaas laten maken maar bijvoorbeeld ook van lange vingers.

Het kasteel van de prinses

De kinderen knippen twee rechthoeken, een vierkant en twee driehoeken. Dit wordt het kasteel van de prins(es)

Met behulp van kleine sponsjes/aardappelstempels maken de kinderen een echt kasteel:

Roodkapje

Een schilderij van Roodkapje en de boze wolf, gemaakt door twee kleuters. De kinderen hebben de naam van het sprookje met hun wijsvinger erop geverfd (stippen).

Muziek

Hans en Grietje

Hansje en Grietje die liepen door het woud.
't was er zo donker, het was er kil en koud
Toen kwamen ze bij een huisje van koek en speculaas
wie woont daarin en wie is daar de baas?

'Hé', riep een stem en een heks keek om de hoek
'Kom in mijn huisje van suiker en van koek'
De heks had boze plannen, dat zagen zij al gauw
Grietje en Hans waren slimmer dan die vrouw.

Want toen de heks voor de hete oven stond
toen tilde Grietje haar zomaar van de grond
Het deurtje klapte dicht en de kind'ren waren vrij
Hansje en Grietje wat waren zij toen blij!